Als Jeugdzorg kinderen ophaalt, kijkt iedereen weg

Veel verhalen die ik zie halen uiteindelijk niet de eindstreep van een artikel. Toch kan een zaak in je hoofd blijven spelen, omdat het geval zo schrijnend is. Zo ook het geval van Ilja en zijn moeder bij wie Bureau Jeugdzorg in 2012 zijn broertje en zusje komen ophalen en uit huis plaatsen. Hiervan zijn beelden. Hierop ontpopt zich een spel, waarbij de raderen van de overheid zonder compassie over een familie heen lijken te walsen.

GeenStijl leest het hele dossier en komt met een grondige analyse van het geval. De site besteedt vaak aandacht aan het dossier en maakt er zelfs een minidocumentaire over. Jeugdzorg is boos over de aandacht van media. Er volgen drie aangiftes tegen Ilja, een arrestatieteam haalt hem op en hij zit drie dagen in de cel. Na verhoor bleek er geen zaak tegen de jongeman.

Geen uitleg
Ilja neemt ook contact met mij op en stuurt mij honderden pagina’s dossier. Uit niks blijkt een een echte problematiek en nergens valt uit op te maken dat een ingrijpende maatregel als het uit huis plaatsen van kinderen te rechtvaardigen is. Ook de school is positief over de kinderen. Maar Bureau Jeugdzorg zwijgt. Zonder de andere kant van het verhaal is het nagenoeg onmogelijk dat beeld compleet te krijgen en nieuwe feiten te onthullen. Dat steekt enorm, want er is wel iets aan de hand.

Uitleg komt er ook niet. De politiek reageert niet op de verhalen en dus wordt de minister niet om uitleg gevraagd. De Nationale Ombudsman mag volgens de wet niet ingrijpen in lopende juridische procedures. Rechters zullen niet snel Bureau Jeugdzorg in het ongelijk stellen na alle familiedrama’s. Na lang aandringen vertelt een rechter me dat het nagenoeg onmogelijk is in dit tijdgewricht risico te nemen ook als dat wel zou kunnen. Natuurlijk mag ik de rechter niet bij naam opvoeren en aan een enkele bron heb je niets.

Het Europees Parlement houdt een hoorzitting (ook op video te zien) en eist opheldering van Nederland. Maar die opheldering komt niet. Ook het Letse parlement buigt zich over de zaak en in Letland (waar de familie vandaan komt) wordt zelfs een demonstratie voor de Nederlandse ambassade georganiseerd door een Europees Parlementslid. De Letse overheid vraagt Nederland om opheldering wat er nou aan de hand is – en krijgt die wederom niet. In Nederland blijft het stil. Ondertussen wordt zelfs op Russische conferenties rond kinderen over de zaak gesproken.

Stille strijd
Ilja blijft stilletjes doorvechten om zijn broertje en zusje weer bij de moeder te krijgen. Een paar keer per week klopt hij bij mij aan met informatie of een herinnering. Ik lees de berichten, maar het is enorm moeilijk er hard (nieuw) nieuws van te maken. Het lastige is ook dat ik niet een hele organisatie wil afschrijven op een enkele zaak. Dat is immers geen structuur.

Zaterdag verscheen er in de Britse Daily Telegraph een artikel waar de framing zich nu op Nederland als land richt. De auteur wrijft fijntjes in waar we als land basale rechten ontzeggen aan Ilja, de moeder, het broer en zusje.

Hoe het ook zij: er voltrekt zich een persoonlijk drama bij een familie en eigenlijk staart iedereen naar elkaar. Niemand lijkt genegen de zaak recht te trekken of de impasse te doorbreken. Ilja knokt met moeder en advocaat door. Hij heeft het meeste te winnen. Als straf voor het naar de media stappen heeft hij sinds de uithuisplaatsing – nu bijna 15 maanden geleden – zijn broertje en zusje precies één keer mogen zien. Twee uur lang. Om de familieband goed te houden zullen we maar zeggen.

1-0

Met het aannemen van de Wet open overheid door de Tweede Kamer staat het 1-0 voor de burgers versus VNO/NCW en de Vereniging Nederlandse Gemeenten. Vooral die laatste club lijkt de eigen organisatie steeds belachelijker te maken.

VNG-directielid Kees Jan de Vet had het er maar druk mee de laatste weken. Hij had rode vingertjes van het sturen van brandbrieven naar de Tweede Kamer en het bellen naar de politici om vooral tegen meer transparantie te stemmen. Zijn verhaal is al jaren dat hij transparantie een warm hart toedraagt, maar de daden van hem en zijn vereniging zijn telkens anders. Zijn club adviseert al jaren in obstructie van transparantie, het op kosten jagen van burgers, het buitenspel zetten van digitale hulpmiddelen en het coördineren van verzet tegen iedere verandering.

Niks bereikt

Als het aan hem en zijn VNG had gelegen, gebeurt er niets. Want zoals de beste man al verkondigde bij een hoorzitting in 2014 wilde hij af van de druk om tijdig volgens de Wob zaken te leveren. De gemeenten zouden dan vanzelf transparanter worden. Een nieuwe wet was volgens hem echt niet nodig. Al eerder werd beterschap beloofd, maar ook toen veranderde er bitter weinig.

Maar transparantie en het leveren van informatie staat of valt met digitalisering van de documentenstroom. Van die stap is ook weinig terecht gekomen. Eerdere initiatieven om bijvoorbeeld het uitwisselen van gegevens te verbeteren zijn onder verantwoordelijkheid van de VNG onder aanvoering van Kees Jan op weinig uitgedraaid.

Geen rol

Hoe het ook zij Kees Jan was actief in het tegenwerken van de wet namens de gemeenten. Het leek goed te werken, want vooral het CDA had goed geluisterd naar de VNG. En ook Plasterk wees erop:

Dat is consistent, mede omdat ook andere overheden, bijvoorbeeld de VNG, kritisch hebben gereageerd op het voorliggende voorstel.

Wat de Minister en de VNG gemakshalve even vergeten, is dat de bestuurdersclub geen overheid is. Sterker nog: wil de VNG namens gemeenten spreken dan moet er een mandaat zijn en dat is er niet. In diverse gemeenten wordt veel transparanter geopereerd en gewerkt aan een digitale omgeving om aan de wet te voldoen. Kees Jan spreekt voor zijn beurt.

Yes we can

Als Kees Jan de energie die hij de laatste weken heeft getoond in het tegenwerken van de wet de laatste jaren had gehad bij voor elkaar boksen van betere archieven, betere transparantie, een cultuurveranderingen dan hadden we misschien geen wetswijziging nodig. Maar het typeert de negatieve houding van de VNG. Altijd ‘nee we kunnen het niet’ als boodschap. In plaats van een optimistische handen uit de mouwen slaan en dingen wel bereiken. Want de stappen om wel informatie toegankelijk te maken zijn niet moeilijk.

Ondertussen is Kees Jan bezig met een nieuw project: een commissie adviseren over het inrichten van het lokaal bestuur. Welke boodschap zal hij daar uitstralen?

Waarom is de VVD zo tegen transparantie?

Als we iets kunnen leren van de Panama-papers dan is het wel dat transparantie helpt om louche zaken aan het licht te brengen. Daarom debatteert de Tweede Kamer woensdag over een wet om allerhande schijnconstructies rond transparantie af te dichten, maar de VVD voert het verzet aan. Waarom?

Na jaren van voorbereiding gaat het parlement over de Wet open overheid (Woo) debatteren. De wet voorkomt schijnconstructies waar overheden via schimmige verenigingen en stichtingen documenten aan transparantie onttrekken, dwingt betere digitalisering van documenten af, zou eindelijk eens zorgen dat er een lijst is van documenten die we in huis hebben en voorziet in een informatiecommissaris die helpt de zaakjes op orde te krijgen.

Advies, advies, nog meer advies

Maar de VVD verzet zich met hand en tand. Eerst riep de partij dat de Raad van State nog maar eens moest gaan kijken, maar bedacht zich toen dat die al een advies had uitgebracht. Dus die vlieger gaat niet op.

Vervolgens bedenkt de partij nu dat Actal advies moet uitbrengen. Dit is een adviesorgaan tegen regeldruk voor bedrijven, burgers, en beroepsbeoefenaren in de zorg, onderwijs, veiligheid en sociale zekerheid. Dit orgaan kijkt dus naar andere groepen en Maar het levert wel vertraging op.

En de VVD wil dat het BIT, het Bureau ICT Toetsing iets van de wet vindt. Dat is best grappig, want het beleid om digitalisering van documenten op orde te krijgen is een lopend project onder verantwoordelijkheid van een VVD’er. Normaliter toetst het BIT op bestaande programma’s of projecten van €5.000.000 of meer en dat is er met deze wet nog niet.

Waarom het maken van een documentenlijst vijf miljoen of meer moet kosten met beschikbare oplossingen, is mij een raadsel. Maar het levert opnieuw vertraging op.

Niet in mijn tuin

Toch is dat niet alles. De VVD verzet zich ook tegen het plaatsen van de Tweede Kamer onder transparantie, want een ambtenaar moet openbaar opereren maar een volksvertegenwoordiger kennelijk niet. Verder zijn er amendementen om veel misbruikte weigeringsgronden overeind te houden en de schijnconstructies om documenten aan het publiek te onttrekken in stand te houden. Transparantie is leuk, maar niet als het jezelf betreft. Dus is ook de bestuurdersclub VNG tegen.

Natuurlijk zegt de partij tijdens het debat enorm voor transparantie te zijn. De problemen van gebrekkige transparantie legt de partij bij de cultuur. Vreemd genoeg is deze partij dan ook weer tegen een informatiecommissaris die juist in veel landen in Europa leidt tot een andere cultuur.

Na alle affaires met frauderende VVD-bestuurders zou je verwachten dat de partij iedere schijn van schimmigheid zou vermijden. Het tegendeel is echter waar. Met de nieuwe wet zou er veel openbaar worden van wat nu verborgen blijft. Kennelijk zitten daar zaken tussen die voor sommige partijen echt te gevoelig zijn. Komende dinsdag wordt er gestemd en dat is openbaar. Dan kunnen we in alle transparantie zien wie echt wat te verbergen heeft.

Als de macht geen kennis heeft

Kennis is macht, maar heeft de macht ook kennis? Met het wetsvoorstel van Ard van der Steur om de politie te laten hacken is veel mis. Neem het gebrek aan kennis bij mensen met veel macht.

Rechter

Als de hackbevoegdheid wordt ingezet dan gaan de rechter-commissaris en de Officier van Justitie daarover. In de toelichting bij de wet erkent de minister dat het bij hen ontbreekt aan kennis. Volgens de minister moet daarom worden afgegaan op de expertise van de politie.

In tegenstelling tot bijvoorbeeld een huiszoeking kijkt een rechter-commissaris niet mee tijdens het hacken. Dat zou ook weinig uithalen, want probeer maar een handeling te destilleren uit allerlei ingewikkelde plaatjes op het scherm of langs vliegende karakters. De rechtelijke macht heeft gewoon die kennis niet en krijgt die van Van der Steur ook niet.

Advocaten

Voor de advocaat is het nog lastiger. Hij moet afgaan op het verslag van de agent. Daar moet maar uit blijken of de juiste apparaten zijn gehacked, het bewijs klopt of er is gerommeld met het bewijs. Dat laatste lijkt misschien vergezocht, maar in 2013 bleken tapgesprekken in een drugszaak door de politie verzonnen. Een gesprek is terug te luisteren, maar bij een proces-verbaal van een hack ontbreekt het onderliggende bewijs.

In het wetsvoorstel staat of valt een zaak met die ene hackende expert met veel kennis en vooral veel macht. En de advocaat krijgt niet de toegang tot die informatie om onschuldige mensen straks uit de cel te kunnen houden.

Politiek

En de politiek? Die gaat straks stemmen over een wetsvoorstel, waarbij de toelichting op de wet beschrijft dat ze veel informatie (en dus kennis) niet hebben. Bijvoorbeeld: Hoe stellen we vast of de gebruikte hulpmiddelen correct functioneren? Hoe waarborgen we het updaten van hacking tools en de correcte werking na een update? Hoe voorkomen we dat er fouten worden gemaakt? Hoe  regelen we toezicht tijdens het hacken?

Al deze vragen moeten in een later stadium na het aannemen van de wet nog eens beantwoord worden. De kamer ontbeert dus zeer belangrijke kennis en op ict-gebied concluderen ze zelf ook al kennis te ontberen:

“De Kamer maakt haar controlerende taak niet waar door een gebrek aan interesse voor ICT en een gebrek aan deskundigheid op ICT-gebied.”

Tja kennis is macht, maar bij de hackbevoegdheid ontbreekt het aan kennis bij hele machtige mensen…

Wetgeving en wijsheid bij digitale criminaliteit

Nederland is hard op weg om wetgeving voor digitale criminaliteit aan te nemen. Het heeft er alle schijn van dat die nieuwe wetgeving weinig zal bijdragen aan het voorkomen van de nogal ernstige fouten die worden belicht in ‘Making a Murderer’.

De urenlange documentaireserie ‘Making a Murderer’ laat op pijnlijk wijze zien hoe twee Amerikanen in dezelfde moordzaak worden veroordeeld. Beide veroordeelden hebben onderling verschillende verhaallijnen. Vooral de manier waarop bewijs is verzameld, kun je niet anders typeren dan ‘twijfelachtig’.

Een van de meest opmerkelijke aspecten van de zaak is de autosleutel van het slachtoffer. Die lag op de grond in de woontrailer van Steven Avery, de hoofdverdachte. Op een foto is duidelijk te zien dat het bewijsmiddel voor het oprapen ligt. Het DNA van de verdachte zat zelfs nog op de sleutel. Het begin van een sterke zaak, zou je denken.

Wat de zaak aanmerkelijk compliceert, is dat de trailer gedurende meerdere dagen diverse keren is doorzocht zonder dat de sleutel werd aangetroffen. Als de sleutel uiteindelijk wordt aangetroffen, ligt hij duidelijk zichtbaar op de grond. Het DNA-spoor is dan wonderbaarlijk genoeg het enige dat op de sleutel zit. Verder is het object brandschoon. Er zitten zelfs geen vingerafdrukken van het slachtoffer op. Erg onwaarschijnlijk, wat de vraag rechtvaardigt: is die sleutel er later neergelegd?

Het manipuleren van bewijs komt vaker voor. Ook in Nederland zijn bijvoorbeeld tapverslagen onjuist uitgewerkt, waardoor er iets anders stond dan de verdachte heeft gezegd. In 2013 bleek dat in een drugszaak zelfs tapverslagen door de politie zijn verzonnen. Natuurlijk maakt dat een verdachte nog niet onschuldig. Maar soms vergeet ook een agent dat het uitgangspunt de onschuld van mensen is.

In de digitale wereld worden die risico’s groter. Recent stuurde Minister Van der Steur het wetsvoorstel Computercriminaliteit III naar de Tweede Kamer. Dat moet de politie de bevoegdheid geven in grotere zaken in te breken op computers, spionagesoftware te plaatsen of informatie ontoegankelijk te maken. Ofwel: ze mogen computers manipuleren op afstand.

In Duitsland draaide die bevoegdheid uit op een puinhoop. Hackers kregen de software in handen en analyseerden die. Ook de software bleek een puinhoop: het was kwetsbaar voor misbruik, verdachten konden de politie hacken en onbevoegden konden bij verdachten inbreken en bewijs planten zonder sporen achter te laten.

Welke software in Nederland gebruikt gaat worden, is geheim. Hoe we toetsen of dit goed gebruikt wordt, of de software correct werkt (en na een update blijft werken) en hoe misbruik wordt voorkomen, is allemaal onbekend. Ik wens de wetsmakers in Den Haag nadrukkelijk veel wijsheid toe, maar geef direct toe: helemaal gerust ben ik er niet op.

Digitaal gewapend beton

Vanaf 1 januari 2016 gaat de nieuwe Wet bescherming persoonsgegevens, WBP, in. Dat betekent dat organisaties moeten weten welke data ze in huis hebben en welke onderdelen persoonsgegevens zijn. Wie dat niet doet, zal vrijwel zeker problemen krijgen.

De nieuwe WBP is niet zozeer een dreiging vanwege de mogelijke boetes en onderzoeken die organisaties riskeren, maar zijn gevaarlijk vanwege de onvolwassenheid van de ict-industrie. Zo vinden we het helemaal niet vanzelfsprekend om vooraf na te denken wat voor gegevens we verwerken en wat voor de bescherming daarvan aan maatregelen nodig is.

Datalekkenregen

Anno 2016 is het niet meer vol te houden dat mensen niet zouden weten dat gegevens kunnen worden gehackt, verloren of onrechtmatig worden verwerkt. De incidenten vinden massaal plaats. Volgens een schatting van het CBP, dat na 1 januari 2016 de Autoriteit Persoonsgegevens gaat heten, zijn er jaarlijks 62.000 datalekken waarbij persoonsgegevens zijn betrokken. Niet ieder incident zal direct leiden tot identiteitsfraude of ernstige gevolgen, maar vaak loert dat gevaar wel. En dan moet u melden.

Sinds ‘Lektober’ was al duidelijk dat dit een probleem was, maar eigenlijk is de situatie nog onvoldoende verbeterd. Persoonsgegevens lopen op veel manieren risico. Dat gebeurt niet alleen via hacks, maar ook gegevens die op een USB-stick staan kunnen door verlies, diefstal of het stallen bij leveranciers, in verkeerde handen terechtkomen.

Dankzij de uitspraak van het Europese Hof van Justitie in de zaak die ‘Safe Harbor’ onderuit haalde, is duidelijk dat iedereen die persoonsgegevens verwerkt, moet waken tegen elke vorm van misbruik. De verantwoordelijkheid ligt dus in eerste instantie bij degene die de informatie laat verwerken. Deze persoon moet daardoor ook goed kijken met wie hij of zij zaken doet.

Aardbevingen

De problematiek laat zich tot op zekere hoogte vergelijken met beschermingsmaatregelen tegen aardbevingen. Om instortingsgevaar te verkleinen, gebruiken we in de bouw gewapend beton. Dat regel je voor de bouw al, omdat het metaal achteraf niet meer is toe te voegen. Wie dan nog het risico wil beperken, moet dure capriolen uithalen om een woning alsnog ietwat te beschermen tegen aardbevingen.

Digitaal is het niet veel anders. Wie vanaf het eerste moment bezig is met het bouwen van privacyvriendelijke en beveiligde oplossingen, kan het digitaal gewapend beton inbouwen in de systemen. Wie dat achteraf moet doen, loopt niet alleen tegen duurdere ontwikkelkosten aan, maar moet ook mensen anders opleiden, afspraken met leveranciers opnieuw maken en daardoor meer kosten maken.

Met de lange levensduur van systemen zal het een hele tour worden om op een volwassen manier de rechten van mensen te beschermen. De wetgever heeft een grote stap gezet om de industrie te dwingen betere systemen te bouwen. Nu is het aan ons om die handschoen op te pakken. Verzet u niet langer tegen gewapend beton!

Deze column verscheen eerder bij ICT Magazine.

Onderzoek naar staatsgevaar bij verkoop KPN komt veel te laat

Komt met de verkoop van KPN aan Carlos Slim de veiligheid van de staat in gevaar? Over die vraag buigt de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) zich de komende tijd. Mocht dat zo zijn wil de Nederlandse staat in zo’n geval de overname wellicht voorkomen. De NCTV lijkt zich weer eens rijkelijk laat risico’s van bepaalde keuzes te beseffen.

Laat ik vooropstellen dat ik het niet leuk vind als Nederlandse bedrijven aan buitenlandse partijen worden verpatst. Een naar gevoel bekroop me bij de verkoop van KLM en HEMA, en nu ook bij KPN. Maar de echte verkoop heeft al jaren geleden plaatsgevonden toen de Staat der Nederlanden de aandelen naar de beurs bracht. Dat Slim nu meer aandelen bij elkaar wil sprokkelen mag je hem niet kwalijk nemen.

Nationale veiligheid
Dat de coördinator terrorismebestrijding en veiligheid nu pas zijn zorgen uit over de stabiliteit van het netwerk van KPN, omdat noodnummer 112 en C2000 (het communicatienetwerk voor de Nederlandse hulp- en veiligheidsdiensten) daar onder andere op draaien, is rijkelijk laat. Betekent dit dat de staat zaken slecht heeft geborgd in contracten? Of is er een reden om deze aandeelhouder die we bij naam kennen meer te wantrouwen dan andere aandeelhouders die minder bekend zijn?

Duidelijk is dat als de gevolgen zo groot zijn, en cruciale afhankelijkheid van KPN een crux is, er geen andere optie is het bedrijf weer te nationaliseren of de kritieke infrastructuur terug te kopen. Ik vind de houding van de NCTV heel vreemd, want waarom zou Slim een bedrijf met sterke aanwezigheid in Nederland kopen en juist belangrijke businesscases opblazen?

Positief is dat men in Den Haag eindelijk een beetje wakker begint te worden en dat het besef begint door te dringen dat wij kritieke keuzes in het verleden hebben gemaakt. Nu maar hopen dat de NCTV ook snapt dat er meer gevoeligheden zijn rond KPN die risicovol zijn, zoals spionage over onze infrastructuur door landen die ooit beweerden onze bondgenoot zijn. Want daarover is men nu ook angstvallig stil.

Fred Teeven zaait angst met ‘staatsgevaarlijke’ Facebook-vorderingen

Al jaren verzet staatssecretaris Fred Teeven zich tegen het bekendmaken hoeveel vorderingen er worden gedaan bij sociale media. In antwoord op Kamervragen van voormalig GroenLinks-Kamerlid Arjan El Fassed stelt hij onder andere dat de veiligheid van de staat in het geding zou komen.

Google en Twitter maakten toen zelf al bekend hoeveel vorderingen er bij sociale media werden gedaan. Dit soort cijfers worden in de Verenigde Staten openbaar gemaakt, maar niet in Nederland. Hier komt de veiligheid van de staat in gevaar. Dat betekent juridisch zoveel als dat er acuut mensen om het leven kunnen komen of enorme schade aan Nederlandse belangen (of die van bondgenoten) wordt toegebracht.

Toch openbaar
Microsoft maakt inmiddels ook cijfers over vorderingen openbaar en deze week dan eindelijk ook Facebook. In de eerste helft van 2013 zijn er in totaal 15 verzoeken gedaan naar in totaal 18 accounts. Meer wordt er niet openbaar gemaakt, maar nu hebben we in ieder geval een beeld.

Natuurlijk is er geen oorlog uitgebroken, zijn er geen onderzoeken mislukt, zijn er geen mensen om het leven gekomen en heeft zich geen economische ramp voltrokken. Het hele argument van Teeven is dus angst zaaien om maar niet transparant te hoeven zijn over privacyschendende maatregelen. Inmiddels is men kennelijk onder het niveau gezakt van privacyschender en a-transparante bedrijven als Facebook.

Rechtszaak
Al een jaar geleden vroeg ik daarom opheldering via een Wob-verzoek naar de redenen achter de geheimzinnigheid van Veiligheid en Justitie. Waarom komt de veiligheid van de staat in het geding als wij het aantal vorderingen weten? Waarom is het gevaar zo groot? Er zijn twee documenten waar men zich op baseert. Een brief van de KLPD en een intern stuk.

Ook de redenering mogen we niet zien. Inmiddels ligt de zaak bij de bestuursrechter en komt de vraag op hoe men dit gaat recht praten. Dat het evident onjuist is, mag helder zijn. Maar het is slechts een symptoom van een machtig apparaat als Justitie dat tegen iedere prijs verantwoording wil voorkomen.

Anders valt het niet te interpreteren. Als Steve Ballmer op afscheidstournee nog in Nederland zal komen wordt hij echt niet als een Samir A. aangehouden voor het in gevaar brengen van de staat. Ook Eric Schmidt en Mark Zuckerberg zullen met enthousiasme door de overheid worden ontvangen. Zelfs een ernstig gesprek over hun betaalde medewerking aan PRISM zal wel teveel gevraagd zijn.

DigiD: incompetent of dom?

Een verstoring bij DigiD komt nog wel eens voor en dan kun je niks meer, van belastingaangifte tot vergunningsaanvraag. Midden augustus was er plotseling een verstoring en moesten we het dus eventjes zonder authenticatie doen. Op zich geen ramp, want zaken doen met de overheid blijf ik als noodzakelijk kwaad zien.

Maar het werd problematisch op het moment dat de verstoring opeens een internetaanval blijkt te zijn, een zogenaamde DDoS. Na urenlang roepen dat de uitval een technische storing betrof kwam het hoge woord eruit: DigiD stond onder aanval. Wisten de mensen van Logius, die het beheer van DigiD voor hun rekening nemen, een aanval niet te scheiden van een storing of was dit een PR-tactiek?

Incompetent?
Mij is niet duidelijk wat erger is. Een aanval niet herkennen maakt het oplossen van de problemen lastig en zorgt voor een langere verstoring dan nodig. Diensten als de Belastingdienst, gemeenten en provincies langer buiten bedrijf, want beheerders met een gebrek aan regie kunnen de problemen natuurlijk nooit snel te lijf gaan.

En het roept verder de vraag op hoeveel vaker het zal gebeuren dat een beveiligingsincident over het hoofd wordt gezien en maar als technische storing wordt weggezet. Ook dat is een groot probleem.

Dom?
Aan de andere kant zou een pr-tactiek nog dommer zijn. Deze tactiek ondermijnt het vertrouwen in de overheid. Dat zagen we bij de aanslag op de metro van Londen, waar de eerste tijd de bomexplosies werden afgedaan als een brand. Door die leugen is iedere brand nu verdacht.

Ik weet niet wat erger is: een liegend Logius of een Logius met gebrek aan regie. Wat het ook is. De storing DDoS-aanval werd door de slechte communicatie een hele slechte beurt.

Pinnen, nee liever niet: een maand leven zonder pinpas

In mei werd bekend dat gegevensverwerker Equens de transacties van PIN-betalingen wilde doorverkopen. Op die manier zouden winkeliers kunnen zien bij welke concurrenten hun klanten gaan winkelen en daarop inspelen.

Er volgde een storm van kritiek en Equens stopte (voorlopig?) met hun plan. Maar duidelijk is wel wat voor enorme kennis dit bedrijf over ons leven heeft. Het is een onderneming waar we rechtstreeks niets mee te maken hebben, maar dat wel een profiel over ons kan opmaken. Daarbij zijn ze bereid in ruil voor geld ons leven bloot te leggen.

Niet pinnen
Terwijl we van alle kanten worden bestookt met de boodschap dat we meer moeten gaan pinnen, ben ik eens een maandje het omgekeerde eens gaan doen: Ik ben gestopt met het gebruik van de pinpas als betaalmiddel en reken contant af. Daarbij was de vraag: kan ik nog door het leven zonder door Equens te worden bespied?

Op zich vond ik het de eerste twee dagen wel even wennen om weer voldoende cash in de portemonnee te hebben en moest de routine van het bankpasje pakken uit mijn systeem. Daarna werkte het eigenlijk prima. Bijna overal kon ik terecht en ik had weer het gevoel regie over mijn uitgaven te hebben.

Eten
Alleen in bedrijfskantines is het ingewikkeld. Daar kun je soms alleen nog pinnen. De eerste keer heb ik daarom mijn bord volgeladen met spullen en me met contant geld gemeld aan de kassa. Toen afrekenen niet mogelijk was, heeft de hoofdredacteur van NU.nl zich opgeworpen als donateur. Waarvoor overigens nog dank.

Uiteindelijk bleek parkeren in sommige plaatsen lastig en heb ik de supermarkt MARQT ingeruild voor de ouderwetse slager en visboer. Binnen no-time bouw je een band met ze op en heb ik mijn blikveld voor koken verbreed: ik krijg goed advies van ze en het koken is nog leuker geworden.

Als technologie-adept merk ik dat ik contant geld weer aan het waarderen ben met dank aan de PRISM-drang van Equens. Inmiddels pin ik af en toe als het zo uitkomt, maar het contant betalen houden we er lekker in. Het geeft me een goed gevoel.