Ambtenaren leggen falen ICT-plannen Plasterk bloot

De ambitie van Ronald Plasterk om per 2017 een overheid te krijgen waar je echt digitaal zaken mee kunt doen, is mislukt. Als de cijfers kloppen dan kost allen het inzicht krijgen in de documentenstroom al snel miljarden euro’s per jaar. Nederland ligt mijlenver achter op andere landen.

Dat is het droevige beeld dat ambtenaren (Drs. R.IJ.M. Kuipers, Drs. K. van der Steenhoven en J.B.M. Staal) schetsen in de “Quick scan impact Wet open overheid (Woo)” in opdracht van Plasterk. De centrale vraag bij het kijken naar de opvolger van de Wet openbaarheid van bestuur is wat een register met aanwezige documenten zou gaan kosten.

Alles met informatie (dus ook Facebook-berichten, video’s, foto’s en mails) is een document onder de Wob en ook onder de Woo als deze wet door de Eerste Kamer komt. Dat maakt zo’n register ingewikkeld en duur, stellen de schrijvers. Inmiddels is er al goed onderbouwde kritiek op het rapport die dat in twijfel trekt.

Achterlopen

Nederland loopt achter. Veel overheden hebben nog altijd niet een lijst met welke informatie eigenlijk in huis is. In landen, zoals Noorwegen bijvoorbeeld, worden documenten tot e-mails aan toe in een register opgenomen. Wie informatie wil zoekt die op een website op en krijgt die – tenzij het document niet openbaar mag worden – binnen drie werkdagen. Dat systeem heeft moeite gekost om in te voeren, maar de kosten zijn overzichtelijk gebleken.

In Nederland is dat anders. Het bijhouden van de documenten zouden al snel honderden miljoenen of mogelijk meer dan een miljard euro aan investering vergen. Het veranderen van de cultuur bij ambtenaren zou nogmaals honderden miljoenen gaan kosten. Om vervolgens documenten in het register te verwerken en actief ook documenten openbaar te maken zou nogmaals jaarlijks meer dan een miljard euro kunnen gaan kosten. Daarvoor zouden duizenden ambtenaren extra nodig zijn.

Duurder

Dat lijkt misschien vreemd, omdat we weten dat verschillende soorten informatie bij elkaar brengen niet zo ingewikkeld is. Bijvoorbeeld de NSA doet dat met het PRISM-systeem waar telefoongesprekken, e-mails, chatberichten, Facetime-gesprekken, Skype-gesprekken, Whatsapp-berichten, Facebook-postings, enzovoort opslaat. Die gegevens harkt de organisatie bij elkaar voor alle wereldbewoners waar ze maar bij kunnen komen. De beheerskosten van dat systeem zijn niet meer dan 20 miljoen dollar per jaar. Let wel: wij hebben het alleen over een index.

Voor een deel zit er een in verschil in de onbekendheid in het goed bijhouden wat je in huis hebt en stellen de makers van het rapport dat er miljarden nodig zijn om te lezen of documenten actief openbaar mogen worden. Maar dat verklaart nog niet waarom het maken van een index zoveel meer werk is. Ook fouten in het rapport met betrekking wat er moet gebeuren aan actieve openbaarmaking of het niet inzetten van kunstmatige intelligentie of big data kunnen dit allemaal niet verklaren.

Slecht geregeld

Terecht wijzen de ambtenaren op de excessief hoge kosten van de afhandeling van een Wob-verzoek. Waar dat in andere landen (soms binnen minuten) heel weinig kost, stelt de overheid al snel 5.000 euro per verzoek kwijt te zijn. De toegang tot documenten, het klaar maken om ze vrij te geven en het realiseren van de transparantie is dan ook veel duurder. Voor een goed gedigitaliseerd land als Nederland blijft de overheid kennelijk ernstig steken.

Dat is slecht voor het bestuur. Want volgens de opstellers van de quick scan zou met de introductie van de Woo een zee van 2,5 miljard documenten openbaar worden gemaakt. Documenten die u en ik nu niet zien ondanks al het actief openbaren en het wobben.

Het rapport – met alle tekortkomingen zoals het ontbreken aan harde onderbouwing – is een duidelijk nekschot voor de Wet open overheid. Maar pijnlijker is de snoeiharde beschuldiging dat fatsoenlijk grip krijgen op je documentenstroom als overheid en de inhoud ervan in tegenstelling tot veel andere landen miljarden kost. Plasterk’s erfenis van een overheid die geschikt is voor digitale communicatie is met het gegeven dat we niets een lijst van documenten kunnen maken volledig mislukt. Natuurlijk onder voorbehoud dat dit rapport klopt. Hopelijk gaat een volgende minister orde op zaken stellen.

Rotterdams referendum ontsnapt aan ICT-blunder

Als Rotterdam op 30 november 2016 naar de stembus gaat voor een referendum dan is het een zegen dat de burgers niet kunnen stemmen in de cloud. Volgens burgemeester Ahmed Aboutaleb kan dat namelijk veilig met DigiD. Uit stukken blijkt nu dat basale zaken voor het systeem als het voorkomen manipulatie van de stemmen of het bewaren van het stemgeheim niet zijn afgedekt. Voor de gebruikte software is niet eens een ontwerp beschikbaar.

Op 30 november 2016 stemt Rotterdam over de vraag of 20.000 goedkope woningen mogen worden gesloopt. Aboutaleb wil dat, maar er zijn veel burgers tegen. De burgermeester maakte bekend een referendum hierover in de cloud te willen organiseren, waarbij burgers met DigiD kunnen inloggen. Met een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur(Wob) heb ik alle documenten over dit stemmen opgevraagd.

Eerlijke verkiezingen

Om een referendum eerlijk te laten verlopen, moet minimaal aan een aantal eisen worden voldaan:

  1. Waarborgen van het stemgeheim;
  2. Stemgerechtigden moeten daadwerkelijk in staat zijn om te stemmen;
  3. Het niet mogelijk is te rommelen met de stemmen door aanvallers of bestuurders;
  4. De burger kan controleren dat de verkiezingen kloppend verlopen;
  5. Het is duidelijk hoe het kiessysteem werkt;

Deze en alle andere eisen horen thuis in specificaties, systeembeschrijvingen en de beschrijving van gebruikte technieken. Dan kunnen we zien wat het systeem doet en of dat overeenkomt met de eisen. De gemeente Rotterdam heeft die documenten in het geheel niet. Wat de bouwplannen zijn van het systeem is voor gemeente en burger niet te toetsen. Hoe het gebruik van niet anonieme DigiD toch het stemgeheim waarborgt is een raadsel.

Dat is problematisch, maar nog niet onoverkomelijk. Bij ieder systeem draait het om wat er nu daadwerkelijk is gebouwd: de software. Uit de broncode, zeg maar de systeemcode die de programmeurs maken en die het echte programma vormen, blijkt pas echt of aan de eisen wordt voldaan. Maar ook die broncode heeft de gemeente niet. Daarmee ontbreekt ook aan de mogelijkheid om daarop gebruikelijke beveiligingscontroles uit te voeren.

Niet toetsbaar

Wat er geleverd wordt door de leverancier is schimmig en niet controleerbaar. De kiezer kan zelfs niet controleren wat de leverancier zegt te gaan bieden. Want die informatie is volgens Rotterdam een bedrijfsgeheim. Het gevolg is dat de verkiezingen niet toetsbaar zijn. Of het bedrijf te vertrouwen is weten we niet, want ook die naam wordt niet gecommuniceerd. Zelfs basale controles naar de organisatie kunnen we niet uitvoeren.

Wel is gekeken naar veiligheid en een zogenaamde penetratietest uitgevoerd. Daarbij kijkt een bedrijf of er zwakheden van de buitenkant te zien zijn en of daar aan een standaard wordt voldaan. Naar het hele systeem, de kwaliteit van de software of achterdeurtjes is niet gekeken. Ook beschikt de gemeente niet over testrapporten dat de leverancier zelf kwaliteit waarborgt.

Bij het testen is iets ontdekt wat zo ernstig was dat het gerepareerd is en daarna opnieuw getest. In de offerte voor die test staat: “Wel is uiteraard de balans tussen investering en risicoreductie in evenwicht gehouden.” Hoe goed is geïnvesteerd op de testen, wat de bevindingen zijn, is weer geheim.

Zwarte doos

Aboutaleb presenteert een zwarte doos waar nooit harde eisen zijn neergelegd voor een eerlijk verkiezingsproces, dat geen systeemontwerp kent en waarvan hij niet weet wat er uiteindelijk gebouwd is. Er is niet het begin van bewijs dat het DigiD-systeem eerlijke verkiezingen waarborgt. Wat getest kon worden, bleek onveilig en veel is niet getest. Dat is geen goede basis voor een gewoon systeem laat staan voor verkiezingen.

De Verenigde Staten laten zien dat de presidentsverkiezingen voor de machtigste baan onderwerp van discussie kunnen worden door elektronisch stemmen. Gelukkig heeft de gemeenteraad van Rotterdam een stokje voor stemmen in de cloud gestoken. Aboutaleb heeft namelijk geen flauw idee hoeveel Rotterdammers beschikken over een DigiD en hoeveel burgers kunnen stemmen.

Lees de Wob-stukken hier:

 

Waarom is de VVD zo tegen transparantie?

Als we iets kunnen leren van de Panama-papers dan is het wel dat transparantie helpt om louche zaken aan het licht te brengen. Daarom debatteert de Tweede Kamer woensdag over een wet om allerhande schijnconstructies rond transparantie af te dichten, maar de VVD voert het verzet aan. Waarom?

Na jaren van voorbereiding gaat het parlement over de Wet open overheid (Woo) debatteren. De wet voorkomt schijnconstructies waar overheden via schimmige verenigingen en stichtingen documenten aan transparantie onttrekken, dwingt betere digitalisering van documenten af, zou eindelijk eens zorgen dat er een lijst is van documenten die we in huis hebben en voorziet in een informatiecommissaris die helpt de zaakjes op orde te krijgen.

Advies, advies, nog meer advies

Maar de VVD verzet zich met hand en tand. Eerst riep de partij dat de Raad van State nog maar eens moest gaan kijken, maar bedacht zich toen dat die al een advies had uitgebracht. Dus die vlieger gaat niet op.

Vervolgens bedenkt de partij nu dat Actal advies moet uitbrengen. Dit is een adviesorgaan tegen regeldruk voor bedrijven, burgers, en beroepsbeoefenaren in de zorg, onderwijs, veiligheid en sociale zekerheid. Dit orgaan kijkt dus naar andere groepen en Maar het levert wel vertraging op.

En de VVD wil dat het BIT, het Bureau ICT Toetsing iets van de wet vindt. Dat is best grappig, want het beleid om digitalisering van documenten op orde te krijgen is een lopend project onder verantwoordelijkheid van een VVD’er. Normaliter toetst het BIT op bestaande programma’s of projecten van €5.000.000 of meer en dat is er met deze wet nog niet.

Waarom het maken van een documentenlijst vijf miljoen of meer moet kosten met beschikbare oplossingen, is mij een raadsel. Maar het levert opnieuw vertraging op.

Niet in mijn tuin

Toch is dat niet alles. De VVD verzet zich ook tegen het plaatsen van de Tweede Kamer onder transparantie, want een ambtenaar moet openbaar opereren maar een volksvertegenwoordiger kennelijk niet. Verder zijn er amendementen om veel misbruikte weigeringsgronden overeind te houden en de schijnconstructies om documenten aan het publiek te onttrekken in stand te houden. Transparantie is leuk, maar niet als het jezelf betreft. Dus is ook de bestuurdersclub VNG tegen.

Natuurlijk zegt de partij tijdens het debat enorm voor transparantie te zijn. De problemen van gebrekkige transparantie legt de partij bij de cultuur. Vreemd genoeg is deze partij dan ook weer tegen een informatiecommissaris die juist in veel landen in Europa leidt tot een andere cultuur.

Na alle affaires met frauderende VVD-bestuurders zou je verwachten dat de partij iedere schijn van schimmigheid zou vermijden. Het tegendeel is echter waar. Met de nieuwe wet zou er veel openbaar worden van wat nu verborgen blijft. Kennelijk zitten daar zaken tussen die voor sommige partijen echt te gevoelig zijn. Komende dinsdag wordt er gestemd en dat is openbaar. Dan kunnen we in alle transparantie zien wie echt wat te verbergen heeft.

Gaat Nederland eindelijk transparanter worden?

De gekuiste briefjes rond de MH17 zijn een van de vele illustraties dat overheidstransparantie in Nederland nog wel wat ruimte voor verbetering heeft. Die verbetering komt er eindelijk als de Tweede Kamer een nieuwe wet serieus neemt.

Wie transparantie van de overheid wil, zal in veel gevallen een ingewikkeld gevecht met de overheid aan moeten gaan. Al schrijft de wet voor dat over documenten moet worden beslist als ze beschikbaar zijn, gebeurt dat niet. Sterker nog: alle wettelijke termijnen worden vaak overschreden. Zonder inhoudelijk kennis geen inhoudelijk debat en dat is voor bestuurders lekker rustig. Wie vervolgens toch zijn recht gaat halen wordt door de overheid geframed als misbruiker.

Komiek

En als er wel een besluit wordt genomen dan is transparantie vaak ver te zoeken. Of het nu gaat of het ontslag van Professor Maat in het onderzoek naar de MH17 of over de vraag wat een gebroken been in welk ziekenhuis kost vaak is transparantie moeilijk te verkrijgen.

Het niet transparant zijn is zo schering en inslag geworden dat cabaretier Mark Rutte zijn partijgenoot Ard van der Steur op dat punt op de hak neemt tijdens het Correspondents Diner:

Het was geen goed idee om Ard van der Steur mijn tekst te laten schrijven.

Vervolgens houdt hij een zwartgelakte pagina omhoog.

‘Van der Steur kon er niet zijn vanavond. Hij biedt daarvoor zijn welgemeende excuses aan.’

Precies zoals het ging rond de gebrekkige transparantie. Alleen van de aan de kamer beloofde verbeteringen, is weinig merkbaar. Daar is duidelijk nog een steuntje in de rug nodig.

Nieuwe wet

Gelukkig kan er veel verbeteren, omdat er een nieuwe wet in aantocht is. De Wet open overheid ligt al sinds juli 2012 op de plank bij de Tweede Kamer, maar komt donderdagavond eindelijk weer ter sprake. De wet regelt dat een aantal knelpunten worden opgelost.

Werden – ondanks de digitalisering – de wachttijden op een besluit over documenten verdubbeld naar 56 dagen, in de nieuwe wet worden die verkort. Betere digitalisering moet eerder besluiten mogelijk maken. Ook het smoezenboek om informatie maar niet openbaar te maken, wordt drastisch ingeperkt.

Maas in de wet

Maar de belangrijkste wijziging wordt wel dat meer organisaties aan transparantie moeten voldoen. De nieuwe wet stopt een maas in de wet waar de overheid gretig gebruik van maakt: Door een stichting of vereniging op te richten, vallen de documenten van die organisatie niet automatisch onder het transparantie regime. Ook moet eindelijk de Tweede Kamer zelf transparanter worden.

De nieuwe wet biedt veel nieuwe kansen om transparanter te worden. Natuurlijk kan het veel beter, maar dit is een begin. Het dwingt de politieke partijen nu ook kleur te bekennen: blijven we transparantie lippendienst bewijzen of gaan we nu eindelijk wat achterstallig onderhoud doen?

Discrepante Transparantie

Terwijl burgemeester Pieter Broertjes het transparant maken van verborgen documenten huldigt, staat zijn gemeente Hilversum al jaren transparantie in de weg. Pijnlijke dossiers over asielzoekers blijven hierdoor verborgen.

Vandaag wordt – terecht – Bas Haan als journalist van het jaar gehuldigd voor zijn onderzoek naar de Teevendeal. U weet wel het bonnetje met de miljoenenvoordelen voor de crimineel Cees H. Haan onthulde het bedrag via Nieuwsuur en uiteindelijk had dat verstrekkende gevolgen. Broertjes, de burgemeester van Hilversum en voormalig hoofdredacteur van de Volkskrant, reikt de prijs uit.

Transparantie

Eigenlijk krijgt Haan zijn prijs voor de transparantie die de overheid niet wilde geven. Maar terwijl Broertjes vandaag ongetwijfeld mooie woorden gaat uitspreken, is de gemeente Hilversum niet bepaald een toonbeeld van transparantie. Als ze gegevens al moeten openbaar maken dan vragen ze daarvoor de hoofdprijs.

Zo vroeg een aantal mensen met een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur om documenten rond de opvang van vluchtelingen. Vreemd genoeg waren dit soort stukken rond belangrijke maatschappelijke discussies niet gewoon via de website toegankelijk.

Dus moet de burger vragen om openheid. Uiteindelijk kwamen 3.387 pagina’s voor openbaarmaking in aanmerking, maar werden niet verstrekt. Want al maakt iedereen tegenwoordig zijn stukken digitaal aan, Hilversum levert ze alleen op papier.

Niet effectief

Voor het kopiëren wil de gemeente vervolgens € 2.060,95 hebben, want de prijzen variëren tussen de €0,60 en €1,15 per pagina. Ook weer een raar punt, want de norm bij kopieerkosten zijn de daadwerkelijk kosten van de materialen. Kennelijk koopt Broertjes nogal inefficiënt in, want de lokale copyshop vraagt voor zo’n klus tussen de €0,054 en €0,108 per pagina.

De truc is slim: je weigert beschikbare digitale documenten actief beschikbaar te maken, je weigert digitaal te leveren, je vraagt een bovenmatige prijs voor de kopietjes en de burger haakt wel af.

Maar in dit geval zamelden burgers het geld in en moeten de stukken er wel komen. Net als Bas Haan moet je soms blijven volhouden waar andere ophouden. Misschien kan Broertjes vandaag een paar van de lovende woorden inruilen voor de aankondiging dat hij als oud-journalist nu transparantie gaat helpen.

Wanneer wordt de Nederlandse geheimzinnigheidscultuur eens onderzocht?

Wie ooit gebruik heeft gemaakt van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) weet dat veel overheidsorganen zich uit de naad werken om te voorkomen dat de waarheid boven tafel komt. Misschien is het tijd rond transparantie niet de burger te onderzoeken, maar de overheid.

Als er één dossier met onzinnige geheimzinnigheid is omgeven dan is het wel de aanslag op de vlucht MH17. Op vage gronden wordt veel informatie geweigerd of worden kamervragen in het geheel niet beantwoord. Neem bijvoorbeeld het ontslag van professor George Maat. De forensisch expert gaf presentatie met foto’s van het onderzoek naar de MH17 en werd daarom ontslagen.

Veel doorhalen

De Tweede Kamer vroeg om opheldering door documenten te krijgen. Al bestaat dat recht op basis van de grondwet toch ging de minister zich opeens verschuilen achter de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). Veel documenten waren goeddeels gekuist, want volgens de wet zou niet alles openbaar kunnen worden.

Daarna kreeg professor Maat na veel vijven en zessen eindelijk inzage in het onderzoek over hem. De eerste keer dat Maat inzage had in zijn heel dikke dossier was er slechts een uur tijd inclusief een voorgesprek en kon hij niets doen. Pas bij een moeizame tweede poging kreeg hij weer inzage en schreef hij alles over. Dit was de enige manier om het openbaar te maken. Het resultaat zette hij online. Wat opvalt is dat op basis van de Wob er nogal wat is aan te merken op het zwart maken van veel informatie. Ik geef drie voorbeelden:

Ten eerste: het weigeren van simpele feiten. De passage:

Op donderdag 23 april werd op last van de minister van Veiligheid en Justitie de samenwerking met professor Maat beëindigd.

wordt geweigerd. Maar welke grondslag op de Wob hier met succes zou opgevoerd kan worden is mij een compleet raadsel. Dit is toch echt een besluit van de hoogste bestuurder op een departement. Maar misschien had de geheimzinnigheid weinig te maken met de regels van de Wob, maar meer met het verdoezelen van een discrepantie met deze kamervragen van CDA en D66 waar de Minister schreef bij vraag 21:

Na de uitkomsten van het interne onderzoek heeft de korpschef vervolgens bepaald dat de samenwerking met professor Maat in dit identificatieproces werd beëindigd.

Een tweede voorbeeld is de interne beraadslaging. Veel gegevens uit het ‘rapport van relaas’ onder andere geweigerd op basis van zogenaamde stukken opgesteld voor interne beraadslaging. Dat is een uitzonderingsgrond die ambtenaren de ruimte moet geven om een persoonlijke mening te geven zonder dat iedereen die te zien krijgt. Prima. Maar een ‘rapport van relaas’ is een proces verbaal. Dat gaat om feiten niet om meningen. Is dit een gelegenheidsargument of is naar een conclusie toegewerkt?

Zo werden meer feitjes en weetjes geweigerd:

Uit onderzoek is mij, rapporteur, gebleken dat er op intranet een “presentatie voor collega’s” staat. In deze presentatie staan geen foto’s die herleidbaar zijn naar slachtoffers. Op intranet is te zien dat het bericht op 9 april is gewijzigd.

Dat is wel een belangrijk weetje, omdat er een standaard presentatie was en professor Maat dus helemaal niet zijn boekje te buiten was gegaan. Dat roept de vraag op of dit een stukje tekst van intern beraad was of de echte grond van weigering was ‘omdat het de minister schaamrood op de kaken geeft’?

Een foutief beroep op privacy. Her en der worden namen van ambtenaren gezwart om ‘de persoonlijke levenssfeer’ te beschermen. Bij de Wob is dat inderdaad onder omstandigheden mogelijk, maar niet als het gaat om ambtshalve functioneren. Dus een politieambtenaar die een rapport opstelt, een korpschef, een operationeel hoofd LFTO (Landelijk Team Forensische Opsporing) of andere teamleiders zijn mensen die een functie bekleden, waarbij belangrijk is te kunnen herleiden wat zij doen. Dat heeft niets met privacy te maken maar met ambtshalve functioneren.

Dit zijn evident voorbeelden, waarbij doelgericht wordt gewerkt aan het tegenwerken van transparantie. Of minder vriendelijk gezegd: het verdoezelen van de waarheid.

Misbruik

Ondertussen wordt keer op keer geroepen dat de burger misbruik van de Wob maakt. Op kosten van de belastingbetaler wordt naar dat ‘misbruik’ onderzoek gedaan. Maar naar het misbruik door de overheid wordt geen onderzoek gedaan. De laatste vijfjaarlijkse analyse naar de werking van de wet stamt al weer uit 2004.

Misschien zou het goed zijn dat de Tweede Kamer beseft dat zij een grondwettelijk recht op informatie hebben en zich niet met een vertrouwelijke inzage laten afpoeieren. Het parlement hoort zich niet als een soort ‘Wob-misbruikende burger’ met een kluitje in het riet te laten te sturen. Nee. Een actief parlement start nou eindelijk eens een onderzoek naar echt Wob-misbruik en moeizame informatievoorziening.

Romano van der Dussen eist openheid van Minister Koenders

Voor Romano van der Dussen heb ik openheid geëist in zijn zaak bij Minister Koenders.

De 42-jarige Romano van der Dussen, die al twaalf jaar in een Spaanse gevangenis zit, dient een Wob-verzoek in om duidelijkheid te krijgen over wat er door de jaren heen bekend was bij de Nederlandse overheid over zijn zaak. Lees het verhaal op NU.nl. Of bekijk het Wob-verzoek.

Kom ook op de Right To Know Day 2015: de Nederlandse editie

Op 28 september 2015 is het de Internationale Right To Know Day. Over de hele wereld wordt aandacht gevraagd voor het recht op informatie om niet alleen de overheid te kunnen controleren, maar ook met inhoud aan het debat te kunnen meedoen. Ook in Nederland organiseren we de dag en wel in de Bibliotheek van de Gemeente Den Haag.

In het hoofdprogramma wordt een Wob-rechtszaak nagespeeld tussen een notoire Wobber (Mike Muller, Telegraaf) bijgestaan door Jan Willem Severijnen die normaliter namens de overheid procederen en een bestuursorgaan bijgestaan door Brenno de Winter, die normaliter juist tégen de overheid procedeert. André Verburg, bestuursrechter bij de Rechtbank Midden-Nederland, leidt de zitting tussen de kemphanen in goede banen. Getuigen die toelichting geven over specifieke problematieken zijn:

  • Astrid Oosenbrug, kamerlid PvdA
  • Arjan El Fassed, directeur Open State Foundation
  • Prof. Mr. Bernd van der Meulen, Hoogleraar Recht en Bestuur
  • Roger Vleugels, Wob-guru van het eerste uur
  • Milja de Zwart, Gemeente Den Haag

Daarnaast zijn er workshops om nadere verdieping te krijgen:

  • Initiatiefwet: Wet open overheid – Linda Voortman, kamerlid GroenLinks
  • Wet hergebruik: Arjan El Fassed
  • Complexe vraagstukken bij het Wobben: Brenno de Winter
  • Een wandeling door het archief van de Gemeente Den Haag

Na de workshop zal de rechter uitspraak doen en de aanwezigen gelasten te genieten van een netwerkborrel. U kunt zich hier aanmelden:

[wufoo username=”bigwobber” formhash=”m1exgzh61r1ceci” autoresize=”true” height=”900″ header=”show” ssl=”true”]

Aanmelden is kosteloos, maar een bijdrage om de dag nog leuker te maken is welkom op NL80 KNAB 0741 0600 35 tnv Bigwobber.nl

Locatie: Bibliotheek Den Haag, Spui 68

U bent welkom op 28 september vanaf 13:00. Het programma begint om 13:30

De Right To Know Day wordt mede mogelijk gemaakt door: de Nederlandse Vereniging van Journalisten, NU.nl, RTL Nieuws, de Open State Foundation en Bigwobber.nl.

Met dank aan de Gemeente Den Haag voor de gastvrijheid

Spreekt de minister de waarheid over waarborgen medisch geheim?

Waar minister Edith Schippers in 2014 nog beloofde dat gegevens over declaraties niet tot patiënten te herleiden zijn, blijkt dat nu wel het geval te zijn. De stelt de NZa tijdens een zitting bij de bestuursrechter in Amsterdam.

De zaak draait om de vraag of we mogen weten wat zorgaanbieders declareren. Mijn klant, de Open State Foundation, wil deze gegevens in de openbaarheid krijgen. Die informatie wordt namelijk aan de Nederlandse Zorgautoriteit(NZa) gestuurd. Omdat de belofte is dat deze declaraties niet tot de persoon te herleiden zijn, zou de privacy – dus het medisch geheim – niet in het geding zijn.

Maar tijdens de zitting stelde de NZa dat de anonimiteit niet altijd kan worden gegarandeerd en ging zelfs een stap verder door te stellen dat de anonimiteit in sommige gevallen zonder noemenswaardige inspanning op te heffen is in zeer specifieke gevallen. Ofwel: ons medisch geheim is niet altijd gegarandeerd, omdat deze gegevens soms tot de persoon te herleiden zijn en ook niet-artsen van de NZa erbij kunnen.

Dit staat haaks op het beeld in dat minister Edith Schippers in antwoord op kamervragen schetste:

“Het is een feit dat het DIS een zeer omvangrijke database is die gegevens bevat die – indien deze tot identificeerbare individuen herleidbaar zouden zijn, wat niet zo is – privacybelastend zouden zijn.”

en

“Bij pseudonimisering van persoonsgegevens worden de identificerende kenmerken van personen op een zodanige manier (vooraf) versleuteld en omgezet in een pseudo-identiteit, dat de werkelijke identiteit van de betreffende personen niet meer te achterhalen is. Direct identificerende gegevens worden dubbel versleuteld (oftewel dubbel gepseudonimiseerd) voordat ze worden opgeslagen in het DIS: de eerste versleuteling wordt uitgevoerd door de zorgaanbieder die de gegevens aanlevert en de tweede versleuteling door een externe, onafhankelijke organisatie, ZorgTTP (Zorg Trusted Third Party) genaamd. De pseudonimisering is zo ingericht dat deze onomkeerbaar is en daarmee dus niet meer herleidbaar tot individueel identificeerbare personen.”

Hiermee geconfronteerd in de rechtbank stelt de NZa nog steeds dat er ‘randen in de database zitten’ waar medische informatie toch naar personen te herleiden zijn. In hoeveel gevallen dit zo is, vindt de NZa niet haar taak te onderzoeken. Na de zitting is de vraag nu of minister Schippers de Tweede Kamer bewust een beeld heeft voorgespiegeld dat niet strookt met de realiteit, bewust de waarheid verdraaide of de NZa de minister niet juist informeerde. Wie het weet mag het zeggen…